HET SPROOKJE VAN DEXIA
door Staf Hendrickx – 23 oktober 2011
Er was eens heel lang geleden een klein koninkrijk met grote ambities. De tweede koning bezat zelfs een land dat bijna honderd maal groter was dan Belgomanië. Ondanks de onmetelijke rijkdom van de koning en zijn bankiers waren de onderdanen en de gemeenten arm. Daarom werd in 1860 een bank voor die gemeenten opgericht: Het Gemeentekrediet van België. Die bank verzamelde het spaargeld van de onderdanen en leende dat geld aan de gemeenten om er scholen, gemeentehuizen, bibliotheken, ziekenhuizen en culturele centra mee te bouwen. Kortom, alles wat goed is voor de mensen. De bankiers die met het geld van de mensen gokten op de beurs, maakten de ministers van de koning wijs dat “alles wat de privé doet beter werkt en meer geld opbrengt”. De bankiers beloofden de ministers vetbetaalde postjes in de nieuwe banken. Toen zagen de blauwe, gele en rode ministers het helemaal zitten. En vertelden de bankiers erbij: “uw bank is veel te klein. Wij kennen een mooie Franse bruid. Haar naam is Crédit Local de France.” En zo geschiedde. In 1996 werd het huwelijk ingezegend tussen de gezonde Belgische bruidegom, het Gemeentekrediet, en de bleke Franse bruid, Crédit Local. De koning, de ministers en hun kazakkendragers, allen waren op het feest. Het eerste wat jonggehuwden deden was een groot paleis bouwen. Zij doopten het: DEXIA. Vanuit dit kasteel begon hun veroveringstocht. Een jaar later reeds namen ze 60% over van het Italiaanse Crediop. Vier jaar later kocht Dexia FSA, Financial Security Assurance, in de Verenigde Staten. In 2001 pikte Dexia Artesia Banking Corporation, BACOB, DVV, Cordius en in Israël OHH. In 2006 moest de Turkse Denizbank er aan geloven. In 2008 ging de zon niet meer onder in het rijk van Dexia. Het succes was zo verblindend dat zelfs verzekeringsmaatschappij Ethias en Arco, dat het geld van de christelijke werknemersorganisaties beheerde, hun centen in de korf van Dexia legden. En de koning zag dat het goed was.
SPIEGELTJE, SPIEGELTJE AAN DE WAND, WIE IS DE RIJKSTE BANK VAN HET LAND?
De bankiers werden rijker en rijker, de ministers kregen dikke portefeuilles en hun dienaren winstgevende postjes. Maar hoogmoed komt voor de val. De bankiers hadden het geld van brave zielen belegd in de goktent van de duivel, de beurs. In 2008 smolt het geld van Dexia als sneeuw voor het duivelse vuur. Het geld in de grootse goktent van de wereld, de VSA, was waardeloos papier. De handlangers van de duivel op aarde, Moody’s, Fitch en Standard & Poors degradeerden het gokhuis Dexia van Aa1 naar D met als gevolg dat 100 euro bij Dexia nog maar 10 euro waard was. Het kleine land met de grote banken zat diep in de problemen. De bankiers riepen in koor: “help, de banken verzuipen”. De ministers antwoordden in koor: “geen probleem, wij zullen u helpen met het geld van onze onderdanen.” Belgomanië stopte 3 miljard euro toe en la douce France ook 3 miljard. Op het nippertje werd Dexia van de verdrinkingsdood gered. Maar voor wat hoort wat. Jan Lul Dehaene moest de baas worden van Dexia Belgomanië en Pier Marinéé van Dexia France. De vroegere baas kreeg een vernederende ontslagpremie van 3,7 miljoen euro ondanks het protest van de koning van France, Sar Kozy. De nieuwe bazen kregen in 2008 een hongerloon van 2,25 miljoen euro. Eerlijkheidshalve dient gezegd dat Jan Lul dit bonusje uit valse schaamte later terug gaf. En de koning zag dat het goed was.
HET PALEIS VAN DEXIA STAAT IN BRAND
De nieuwe bazen van Dexia bloosden van vertrouwen: “wij blussen de brand en renoveren het paleis”. Maar het duivelse vuur van gokmanie en winsthonger is moeilijk te blussen. De pompiers Jan Lul en Marinée stonden er bij en keken er naar. Toen snelde minister Eind Terme ter hulp: “Red de onbeschadigde gedeelten van het paleis en ik koop ze over met het geld van mijn onderdanen.” Koning Sar Kozy van France vond wel dat vooral Belgomanië moest opdraaien voor de verbrande vleugel van het paleis volgens het aanvaard principe “de kleintjes betalen het meest”. Het volk begon te morren: “wie is verantwoordelijk voor die brand? Waar is ons geld?” De ministers en hun postenprinsen riepen in koor: “ik heb de brand niet gezien. Wij zijn zelf slachtoffers want de kas is nu leeg.” Op de rijkelijke banketten van het paleis Dexia waren ze er vroeger allemaal. Nu,bij de begrafenis stuurden ze hun kat: Scheve Steve van Ethias, Jan Lul van Dexia, Ciske de Rat van de Gemeentelijke Holding, Trees Piet van het Toezichtscomité en A. Ceewee van de groep Arco. De erfenis was zwaar. Er was zelfs geen geld over om de begrafenis te betalen want de schuldeisers schreeuwden om hun geld. Geen probleem zei minister Eind Terme: “we stoppen alle schulden in een slechte bank”. Alle ministers van de partijen die de brand niet hadden zien aankomen, waren het roerend eens dat de zware brandschade betaald moest worden door de slachtoffers: 10 miljard euro volgend jaar. En de koning zag dat het goed was. Slechts één kleine partij eiste dat de banken en de superrijke gokkers voor dit drama zouden opdraven. Dat laatste zag de koning niet zitten.
MORAAL VAN HET VERHAAL
In 1996 hebben de ministers van Belgomanië de goede banken verkocht aan de beursduivel en die heeft er slechte banken, bad bancs, van gemaakt. In 2008 hebben dezelfde ministers de slechte banken gered met het geld van het volk. Nu in 2011 doen ze dat voor de tweede maal. En nu willen ze de mensen de rekening presenteren van die reddingsoperaties van privébanken. Driemaal zullen de gewone mensen de rekening van het feest betalen, waarop ze zelf nooit waren uitgenodigd. Daarom Belgomaniërs, ontwaak! Weiger de afbraak van pensioenen, index en gezondheidszorg. Belastingen op Electrabel, de supergrote vermogens en de grote fraudeurs.
Moraal van het verhaal: “de beursduivel schijt altijd op de grootste hoop, maar het blijft een mesthoop, want geld is een goede dienaar, maar een slechte meester.”









oktober 24th, 2011 at 16:52
Schitterend sprookje , maar het verschilt met de echte sprookjes het is immers helaas waar gebeurd